Praetoriumstraat

© Dick Jacobs; Digitale bewerking 29-04-2020 Mark van Loon/Stichting Noviomagus.nl

Opgravingen in de Praetoriumstraat en omgeving

door Dick Jacobs

Begin zeventiger jaren verhuisden mijn ouders terug naar Nijmegen oost, naar Praetoriumstraat 1. De straatnaam is afgeleid van het praetorium, in een ver verleden geschreven als prætorium, dat was het stafkwartier in een Romeinse versterkte legerplaats.
Op het RAN vinden we een fotootje (daar een 'lantaarnplaatje' genoemd), dat uit 1935 dateert.


Praetoriumstraat 1 in 1935 (RAN L66069)


Het huis nu (Google-Streetview)


Dit huis, gebouwd in 1923, was door veel achterstallig onderhoud een echt 'klushuis'. Mijn vader vond dat hij dan wat te doen had als hij met pensioen ging. Eerlijk gezegd is hem dat behoorlijk tegengevallen.
In de voortuin bijvoorbeeld bleek onder het grasveld nog een niet meer in gebruik zijnde en waar­schijnlijk lekkende olietank te liggen. Erboven stonden twee uit de kluiten gewassen rododendrons. Mijn vader wilde de tank, samen met de struiken door een gespecialiseerd bedrijf laten verwijderen. Van de gemeente kreeg hij echter geen toestemming om de struiken af te voeren. De gemeente wilde die in eigen beheer uitgraven en overbrengen naar het Goffertpark. Deze robuuste struiken zouden daar niet zo snel worden weggehaald of vernield als jonge aanplant.

Een pikante bijzonderheid was nog dat de weduwe die als laatste vóór mijn ouders het huis bewoonde, geen nazaten had en geen testament had gemaakt. Hierdoor kwam de hele opbrengst van huis met inboedel aan de Staat der Nederlanden.

In de Praetoriumstraat stonden maar enkele huizen. Trots vertelde mijn vader aan iedereen die het horen wilde: "In de straat staan 4 huizen en 21 lantaarnpalen." Rechts naast het huis lag jarenlang een braakliggend terrein, waarop niet gebouwd mocht worden; er zou namelijk eerst een oudheidkundig bodemonderzoek moeten worden gedaan.


luchtfoto (detail van RAN F29441, datering 1955)
De Praetoriumstraat loopt met een knik van links naar rechts. Het eerste huis links (met sterretje) is de woning van mijn ouders, naast het langwerpige, braakliggende terrein dat zou worden opgegraven. Aan de overzijde van de straat sportvelden van het Canisiuscollege.

In 1973-1974 was al een dergelijk onderzoek verricht aan de Berg en Dalseweg-Huygensweg, voor het uitpluizen van plattegronden van verschillende legioensvestigingen die daar van ongeveer 70 na Chr. tot in de tweede eeuw hebben gelegen. Er zijn toen resten van grachten gevonden.

In 1974-1975 is, onder bezielende leiding van de professoren J.E. Bogaers (1926-1996) en J.K. Haalebos (1942-2001), een groot archeologisch onderzoek verricht. Bij dit onderzoek waren onder meer de sportvelden van het Canisiuscollege, de achtertuin van mijn ouders en het braakliggende terrein naast hun woning betrokken.
Er werd nl. vermoed dat onder de straat een begrenzing van de meest recente vesting zou liggen.

Het verslag van dit deel-onderzoek is neergelegd in de 'OUDHEIDKUNDIGE MEDEDELINGEN UIT HET RIJKSMUSEUM VAN OUDHEDEN TE LEIDEN (LVIII 1977)', onder de titel 'OPGRAVINGEN IN DE ROMEINSE LEGIOENSVESTINGEN TE NIJMEGEN, II (ten oosten en noorden van de Praetoriumstraat, 1974-1975), door J.E. Bogaers, J.K. Haalebos e.a.

Voor met graven te beginnen moest er natuurlijk toestemming van de eigenaren worden verkregen. Zo werd er ook de medewerking van mijn vader gevraagd. In de Inleiding van het verslag staat:
Op 17 april 1974 kon een aanvang worden gemaakt met de opgraving, waarna het hele terrein van west naar oost is afgewerkt. Na een onderbreking in de winter van 1974-1975 is het onderzoek voortgezet en in het begin van juli 1975 beëindigd. In aansluiting hierop kon ook nog in een tweetal achtertuinen worden gegraven: in juni 1975 op het perceel Praetoriumstraat 1 (L.J.W. Jacobs) en in de winter van 1977-1978 op het perceel Huygensweg 4 (dr. J.F.M.C. Aarts). Wij zijn de eigenaars en bewoners zeer erkentelijk voor de bereidwilligheid waarmede zij het onderzoek hebben mogelijk gemaakt.
In de achtertuin van mijn ouders werd een gat van ongeveer 4 meter diep gegraven. Dit gat, waarvan de randen keurig recht werden afgestoken, begon direct achter de achterdeur van het huis en betrof de hele achtertuin, op een klein hoekje rechtsachter na, dit om een mooie appelboom te sparen.
Dit betekende wel dat we, als we in die tijd met onze zoon opa en oma bezochten, vóór onze komst nadrukkelijk moesten vragen de achterdeur toch vooral goed op slot te doen.

Op het totale terrein zijn verschillende bodemresten gevonden, waaronder  een vestingmuur, riool­resten, een gracht, afvalkuilen, dakpannen, tegels en heel veel scherven van aardewerk. Onder dit aardewerk bevonden zich ook honderden scherven van luxe aardewerk, het zogenaamde terra sigillata. Dit is mooi, meestal rood geglazuurd en soms gedecoreerd aardewerk. 
Romeinse riolen, grachten en putten leveren vaak rijke vondsten op; destijds was het nl. heel gebruikelijk om onbruikbaar geworden huisraad daarin te gooien.

Rond de vesting was een kampdorp (canabae) ontstaan, waar veel handelaren en ambachts­lieden zich vestigden. Er zijn sporen gevonden van pottenbakkers, bronsgieters en schoenmakers. Er werden ook luxe artikelen gemaakt.
Ook de vrouwen van de in het kamp wonende soldaten gingen hier wonen. Zo'n kampdorp werd meestal beveiligd door er een begrenzing van palissaden omheen te zetten. Vaak zijn restanten van die palissaden bij bodemonderzoeken te herkennen aan verkleuringen in de bodem.
Het nodige drinkwater voor het geheel werd vermoedelijk betrokken van het aquaduct dat van Berg en Dal naar de Broerdijk liep.

Hoe aardewerk destijds werd vervaardigd, kun je hieronder zien. Op beide opnamen is een opengewerkte oven uit de Romeinse tijd te zien. De oven werd opgebouwd uit takken, die met klei of leem zijn afgewerkt. De hitte van de oven zorgde ervoor dat de klei of leem keihard werd. In sommige landen worden soortgelijke ovens tot op de dag van vandaag nog steeds gebruikt!


Een pottenbakker aan het werk (tekening Angelo Andrean)


Zo zag de binnenkant van een pottenbakkersoven er uit
Een mooi voorbeeld van een heteluchtoven (eigen opname)

Nadat het bodemonderzoek beëindigd was, en de resultaten waren beschreven in de 'Oudheidkundige mededelingen', werd de grond verbeterd door er lupine in te zaaien.

Enkele jaren later, op 28 mei 1980, kopte 'De Gelderlander':

Kleine overwinning woningbouw op archeologie
Woningen op deel Hunerberg
DEN HAAG – het gedeelte van de Hunerberg dat ten zuiden van de Praetorium-straat ligt mag bebouwd worden. Het westelijk deel van dit groene terrein achter het Canisius College blijft op de monumentenlijst en kan alleen bebouwd worden voor zover dat de belangen van de archeologie niet schaadt. Dit heeft de Kroon beslist".

Inmiddels zijn in de Praetoriumstraat en omgeving inderdaad woningen gebouwd.

Voor mijn moeder had het graven in haar achtertuin nog nare gevolgen:
De appelboom die achterin stond, een goudrenet, was door de archeologen ontzien maar had door het werk toch te lijden gehad. Ze liet vlugger dan normaal haar grote, zware vruchten vallen. Mijn moeder kreeg zo'n zware appel op het hoofd; het gevolg was een barstje in haar schedel.
Je moet wat overhebben voor de Nijmeegse geschiedenis, nietwaar?


terug naar Gastredactie-overzicht

Reactie 0:

Dick Jacobs, 01-05-2020: Opgravingen in de Praetoriumstraat
Reactie 1:

Marenne Zandstra, 02-09-2021: Lectori salutem,
Op zoek naar achtergrondinformatie over de Praetoriumstraat stuitte ik op deze bijdrage van Dick Jacobs over de opgravingen aan de Praetoriumstraat en omgeving. Graag zou ik willen weten of de weduwe die het huis op dit adres bewoonde direct vóór zijn ouders, van haar getrouwde naam Gerritsen heette en of haar man destijds, in 1923, het huis aan Praetoriumstraat 1 heeft laten bouwen.
Alvast veel dank voor uw reactie.
Dr. Marenne Zandstra
Conservator archeologie
Reactie 2:

Antoon Reijnen, 03-09-2021: Piet Gerritsen en zijn vrouw Jo Benders waren in 1923 de eerste bewoners van het huis aan de Praetoriumstraat 1. Aangezien P. Gerritsen bouwkundig opzichter was en later directeur van een aannemersbedrijf, ligt het voor de hand te veronderstellen dat hij ook de opdrachtgever was van de bouw van dit pand, maar daar is geen bevestiging van te vinden. Het echtpaar Gerritsen-Benders verhuisde begin 1945 naar de Canisiussingel 12.
Na hun vertrek werden Nicolaas Prins en zijn vrouw Hermien Belonje de nieuwe bewoners van Praetoriumstraat 1.
Dr. Nic. Prins was van 1926 tot 1965 achtereenvolgens leraar klassieke talen, conrector en rector van het Stedelijk Gymnasium Nijmegen.
H. Prins-Belonje bleef tot haar dood in 1974 op dit adres wonen.

Bronnen:
Verhuisbericht PGNC 17-9-1923
Verhuisbericht Nijmeegsch dagblad 12-01-1945
Overlijdensadvertentie De Telegraaf 19-11-1974
Adresboeken Nijmegen
Reactie 3:

Mark van Loon, 03-09-2021: Op de bouwtekening uit 1923 staat een nauwelijks zichtbare handtekening van de aanvrager, deze is op het origineel misschien wel te ontcijferen.

Reactie 4:

Marenne Zandstra, 04-09-2021: Veel dank voor alle informatie, de puzzelstukjes passen nu in elkaar voor mij.

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: