Nieuwe pagina 1

© copyright Cees de Vos, Digitale bewerking; Henk Kersten/Stichting Noviomagus.nl

De vos en zijn passie voor kippen….

Veel van de bewoners in de eengezinswoningen aan de Hatertscheveldweg (nu Muntweg…) hielden in de jaren ’30 en ’40 in hun niet al te ruime achtertuin een toompje kippen voor een dagelijks vers eitje en vlees voor de zon en feestdagen. Ook wij vosjes hielden kippen, meestal waren het Barnevelders, leveranciers van grote eieren en ruim vlees op de botten. In ons schuurtje achter ons huis was ruimte voor de elektrisch aangedreven houten wastobbe van ons mam, de PTT- postbestellerfiets van papa en het nachthok linksachter voor onze kipkes. Laag bij de vloer was er een gat door de muur gemaakt om de hoenders toegang te geven tot de ruime kippenren direct achter de schuur.

Binnen ons grote gezin van dertien kinderen hadden de oudere zo hun taken. Voor de jongens was het bijna dagelijks een half uur ‘piepers jassen’ voor het warme middageten: zo uit de jute zak met een levensgrote pan voor je neus draaide je het mesje rond de aardappel waarna je deze in naakte vorm met een welgemikte plons in de pan kieperde. Was altijd een sport….! Ook ‘boontjes doppen’ was een werkje voor de jongens (en meisjes….) en verder sprokkelhout hakken voor de kachel. Een andere taak was papa assisteren in zijn moestuin achter ons huis. Een steeds terugkerend klusje was het vele onkruid verwijderen (“onkruud wieën” naar papa…) tussen de bedjes sla, andijvie, spinazie, zomer en winterwortels, sperzieboontjes, snijbonen en diverse koolsoorten. Papa wees ons de weg, vaak met zijn handjes in zijn zij en zijn PTT-pet op zijn hoofd.…! Zijn adagium; “Vele kinderhandjes maken het werk licht” Verder hadden wij jongens in het gezin de Vos de opdracht om het kippenhok eens per week te schonen en twee maal per jaar te witten tegen luis. Ook de kippenren moest eens per week worden omgespit. Het laatste klusje ging om beurten. Ook diende de grote kelder onder het huis bij tijd en wijle gewit. 
Er werd nog wel eens gemopperd; “Waarom mot ik dat nou wéér doen en hij niet…?”

Een dagelijkse bezigheid voor de grotere meisjes was moeder helpen bij het vele huishoudelijk werk en ik kan u verzekeren dat er het nodige gedaan moest worden met dertien fanatieke rommelaars. Verder was het elke dag de vaat doen en eens in de week op maandag moeder helpen bij de “grote was” m.b.v. de elektrische wastobbe met wringer in de onverwarmde schuur. Boodschappen doen werd zowel door de meisjes als jongens gedaan, net hoe het zo uit kwam. Kortom, het was in die jaren een druk familiebedrijfje aan de Hatertscheveldweg nr. 504. 

Alle bewoners aan de Hatertscheveldweg hadden een gelijksoortige moestuin achter hun huis.
Het stuk grond werd gepacht van de Gemeente Nijmegen. In de beginjaren ’50 werd het pachten van dit stuk grond beëindigd, tot leedwezen van de bewoners; “De Kolping-woningen” werden er gebouwd ten behoeve van o.a. Indische Nederlanders. Voor de tussenhuizen restte slechts hun kleine achtertuintje. De hoekhuizen hadden/hebben als gebruikelijk een wat grotere tuin…. 

Als een kip te kort schoot in het eitjes produceren werd het tijd om deze een kopje kleiner te maken. Bij gelegenheid werd dit geregeld door een broer van ons mam; “Ome Hein van Ottele, in die jaren een bekende Kolenboer in Nijmegen”. Het beroep ‘kolenboer’ is, na het in 1959 aanboren van de enorme gasbel in Slochteren totaal verdwenen uit het straatbeeld. Met paard&wagen beladen met zakken van een mud eierkolen(±25kg), antracietkolen, pakken turf en briketten ging kolenboer Hein van Ottele langs de deuren. Zak voor zak op zijn schouder zeulde oom Hein bij menige klant een bestelling kolen de schuur of kelder in. Als hij bij ons aan deed werd er nog wel eens een beroep op hem gedaan om een kipje te slachten. Daar draaide oom Hein zijn hand niet voor om: “Een twee hupsekee, en de kip was voorgoed uitgekakeld…!”

Als de stoere ome Hein niet in de buurt was en er een kip geslacht moest worden, werd dit door een onzer gedaan. Papa voelde zich niet geroepen…! Een van de jongens - ik waagde mij daar ook niet aan - was bereid om deze taak op zich te nemen. Dat ging een keer goed fout…! Na een niet goed berekende bijlslag liet hij het dier uit pure zenuwen los waarna de kip met bengelende kop langs zijn lijf ‘blindelings’ door de tuin banjerde daarbij een zeer ontdane amateurslachter het nakijken geven. Het arme beest was er met zijn kop met recht niet meer bij. Gelukkig is dit maar één keer gebeurd. Met het zo nu en dan slachten van een kip heeft dit vossenkind enige ervaring opgedaan, om er in een later leven in het slagersvak zijn brood voor zijn gezin mee te verdienen.

Ook herinner ik mij als jong kind dat papa ( ‘toen wel…, nood breekt angst…!’ ) in de oorlogsjaren, met hulp van oom T.Dibbets, in ons piepkleine keukentje een bokje clandestien heeft geslacht. Het moet een bloederige operatie geweest zijn. 

Naast kippen dartelden er ook een paar konijnen los rond in de ren. Hun nachtverblijf deelde de dieren met de kippen in het kippenhok. Tegen de avond zag je de beesten een voor een via het gat in de muur naar binnen huppelen. Op een keer had een van de kinderen de gammele deur naar de kippenren open laten staan, met als gevolg dat twee konijnen het ‘hazenpad’ kozen. Lichte paniek en boosheid bij vader Vos. Wat schets onze verbazing: “De volgende morgen meldde zich de twee konijntjes aan de deur van de ren, de beesten klopte nog net niet aan…!” De verzaker van het niet sluiten van de deur slaakte een zucht van verlichting en papa de Vos was dolblij om zijn konijntjes weer veilig en wel in de ren terug te zien. 

Vandaag de dag is het houden van kippen voor de consumptie nauwelijks nog in zwang, enkel als hobby heeft men kippen. De liefde voor kippen is mij altijd bijgebleven. In mijn achtertuin in Soest scharrelen sinds 1976 kipjes rond onder supervisie van Tobias de haan. 
“Het zijn gezellige vriendelijke dieren, die mij elke dag weer plezieren!”

Cees de Vos – Juni 2010

terug

Reactie 1:

Con Clavant, Australië, 15-06-10: Hello Cees,

Dag dag !! 
Bedankt voor de emails die je nog hebt gestuurt. Ik heb het verhaal van de Vos en zijn kippen geleezen. Ik heb ook veel koppen afgeslagen toen wij de kippen farm hadden hier in Australië. Als ze niet legde ginge ze in de pot, meestal by andere mensen want ze kwamen altijd om te kopen. 
Het was een rotte baan, soms liepen ze weg zonder kopje!! "Laat ze maar lopen zij vader dan, die gaan niet ver!" Op Frijdags was normaal de dag voor de slachter Con of zijn vader met een sherp bijltje de kop af te slaan.


REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: