Ros

© Rob Weenink, digitale bewerking 09-08-2021 Mark van Loon/Stichting Noviomagus.nl

De van Rosendaelstraat: van iets naar niets

en de vastgoedavonturen van zijn stichter

door Rob Weenink

Deel 1: Koopman in 'Galanterien'
Deel 2: Vastgoedmagnaat, de Ton Hendriks van zijn tijd

Inleiding
"Aansluitend op de Hugo de Grootstraat kwam je terecht in de van Rosendaelstraat. In deze straat waren ook veel middenstandsbedrijven: van kruideniers, schildersbedrijven, kolenhandel, melkboer, cafetaria, etc. Met veel weemoed kijk ik terug op dit mooie stukje Oost-Nijmegen."

Zo reageerde Gerard de Laak op mijn stuk over de Jan van Goijenstraat. Weemoed, dat trof mij en wekte mijn nieuwsgierigheid op: Van Rosendaelstraat, winkels en weemoed. Dus wandelde ik opnieuw het verleden van een straat in om te ontdekken wie Van Rosendael dan wel was en hoe ook deze straat zijn middenstand verloor.

1: B.H.F. van Rosendael: Koopman in 'Galanterien'


B.H.F. van Rosendael rond 1890-1900 RAN

24 september 1907, Roosevelt was president van de USA en Pius X resideerde in Rome. Op deze bewolkte, droge dag overleed Bartholomeus Hermanus Franciscus van Rosendael, ondernemer en vastgoedverzamelaar, in zijn huis op de Berg en Dalseweg 47.


Berg en Dalseweg 47 rond 1900-1910 RAN F9243


Berg en Dalseweg 2021

Van Rosendael behoorde tot degenen die kansen zagen toen in 1874 het besluit werd genomen om de vestingstad Nijmegen te ontmantelen en het mogelijk werd om in de buitengebieden te gaan bouwen. Diverse investeerders begonnen vesting– en landbouwgronden op te kopen, deelden die op in kleinere percelen en verkochten ze, bebouwd met villa's of onbebouwd, voor veel geld weer door. (zie Henk Rullmann)


Topografische kaart 1879 Historische Atlas


Nijmegen na de uitleg, 1908 geschiedenislokaal024.nl

Dus ook Van Rosendael ging zo te werk en gaf op die manier vorm aan een deel van Nijmegen-Oost; met name het gedeelte Hugo de Grootstraat van de Berg en Dalseweg tot de Jan van Goyenstraat dankt zijn bestaan aan Van Rosendael. Dit stuk heette in 1894 "de zoogenaamde Van Rosendaelstraat" en van 1900 tot 1955 de van Rosendaelstraat. Ook kocht hij grond langs de Berg en Dalseweg en in de Pater Brugmanstraat. Vaak verkocht hij die percelen weer maar ook liet hij er huizen neerzetten. Zie bijv. het prachtpand Berg en Dalseweg 39-43 dat de familie in 1899 liet bouwen in hun eigen tuin.


Berg en Dalseweg 39-43

Van Rosendael werd op 15-04-1829 om 6.00 uur 's morgens in Den Bosch geboren als zoon van Jacobus Petrus Josephus van Rosendael en Wilhelmina van Wamel, het gezin woonde op het Hinthamereinde 601. Vader Jacobus was apotheker, moeder Wilhelmina huisvrouw.

Bartholomeus Hermanus Franciscus duikt pas weer op in de archieven als hij op 09-01-1850 in Gorinchem trouwt met Adriana Hendrika Bakkers.


Adriana Bakkers rond 1890-1900 RAN

De jonggehuwden besloten om de een of andere reden naar Nijmegen te gaan want uit het bevolkingsregister van 1850 blijkt dat het echtpaar op 18 augustus 1850 als inwoners staat ingeschreven. Van Rosendael's beroep is winkelier en hun adres is wijk D nummer 23. Behalve als winkelier was B.H.F. ook even werkzaam als drukker / uitgever.
Ik heb één uitgave van hem gevonden:


In Wijk D op nummer 23, de Kannemarkt, heeft hij een winkel-woonhuis overgenomen van de vorige eigenaar A. Kaufman die op 09-01-1852 meedeelt dat hij zijn "Magazijn van Manufacturen en Gemaakte Kleederen op de Kannemarkt 23" gaat sluiten.
De eerste advertentie voor Van Rosendael's winkel die ik in de PGNC kon vinden, dateert uit 1855.
Deze advertentie is kenmerkend voor het genre 'middelen die alles genezen'. Van Rosendael adverteert aan de lopende band dat hij weer de hand had gelegd op allerlei wondermiddelen die destijds vermoedelijk grif werden verkocht. Vergelijk bijvoorbeeld met de in Amerika rondtrekkende Medicine Shows rond 1925: "Good for what ails you."
Een greep uit het assortiment: Romershausens oogwater. Druiven-borstsiroop, Staalwijn, Dubarry's Revalenta, Aromatisch mondwater, Universeel zuiveringszout, Idiaton tegen kiespijn. Het kan niet op.



Behalve deze wondermiddelen verkocht Van Rosendaal in zijn Bazar alles wat maar te verkopen was:


De Gelderlander 05-10-1856 pag. 2

De zaak liep zo goed dat hij in de PGNC van 02-10-1858 meldde:


Behalve door advertenties liet B.H.F. geen mogelijkheid voorbij gaan om zijn bekendheid te verhogen:
Voordat in 1891 de eerste Koninginnedag ter ere van koningin Wilhelmina werd gevierd, bestond in ons land al een ander volksfeest namelijk de viering van de Nederlandse onafhankelijkheid. (In november 1813 verlieten de Franse troepen Nederland en werd het Koninkrijk der Nederlanden opgericht met Willem 1 als koning.)

Ook in Nijmegen werd in 1863 ter gelegenheid van de vijftigjarige gedenkdag van de Nederlandsche onafhankelijkheid alles uit de kast getrokken om de middenstand 'op de kaart te zetten'.
Van Rosendael deed zijn best om op te vallen tijdens die feestelijkheden. In de PGNC werd getrouw verslag gedaan en de verslaggever legt en passant de Nederlandse volksaard vast zoals blijkt uit de laatste twee zinnen:


PGNC 18-11-1863

Je bent ondernemer of niet, moet B.H.F. op zeker moment gedacht hebben want hij besluit met zijn gezin te verhuizen van de Kannemarkt naar de Burgstraat wijk A nummer 27 (bevolkingsregister van 1860). Dat blijkt zijn tweede vestiging te worden:



Het gezin woont dus boven de winkel; in het bevolkingsregister van 1870 is aan het adres wijk A nr. 27 het getal 39 toegevoegd.

Twee vestigingen runnen bleek toch niet de beste optie: op 18-07-1869 maakte hij de "laatste opruiming van glas, bloemvazen en galanterien" op de Kannemarkt bekend en vanaf dat moment is zijn magazijn alleen gevestigd in de Burgstraat 39 waarvan de spelling in 1885 in Burchtstraat is veranderd. Op 25-11-1890 echter kunnen we A. van Tuyll's likdoorntinctuur halen bij de firma B. van Rosendael in de Lange Burchtstraat 22.

Bij Rob Essers vind ik de verklaring voor deze verschillende nummering: "Tot 1880 waren de huizen per wijk genummerd. Voor het huisnummer stond de wijkletter. De niet-vastgestelde straatnamen waren voor het adres niet van belang. In het kader van de zesde tienjarige volkstelling op 31 december 1879 werden de huizen in de stad (binnenwijken) per straat genummerd. Dit was nog niet het huidige systeem van nummering met de oneven nummers links en de even nummers rechts. Dat is pas bij de zevende tienjarige volkstelling op 31 december 1889 ingevoerd.

In de periode 1880-1890 is sprake van een doorlopende straatgebonden huisnummering waarbij het hoogste en het laagste huisnummer tegenover elkaar lagen. De nummering aan de noordzijde van de Lange Burchtstraat liep in oostelijke richting. De nummering aan de zuidzijde liep in tegenovergestelde richting  Het hoogste nummer werd in 1890 het laagste even nummer. Dat betekent voor de bovengenoemde adressen het volgende: 1860 Wijk A nr. 27 = 1880 Lange Burgstraat 39 = 1890 Lange Burchtstraat 22."

Overigens had Van Rosendael in 1880 waarschijnlijk genoeg van de stad en is de familie verhuisd naar Berg en Dalscheweg 394; zijn beroep 'koopman' is in het bevolkingsregister doorgestreept.

Van Rosendael gaat met zijn vastgoed aan de slag. In het archief van notaris Halberstadt vind ik een akte van 01-11-1880 waarin hij niet alleen borg staat voor 10.000 gulden ten behoeve van zijn zoon Carel en zijn schoonzoon J. Bielen maar ook zelf 15.000 leent van bankier H.P. van Alphen. Onderpand voor deze lening zijn twee huizen met erf en een erf met schuur in de Lange Burgstraat. Het eerste huis is sectie C nr. 307 groot 92 ca. Het tweede huis is sectie C nr. 608 groot 2 are en 90 ca (290 m2). Het erf met schuur is sectie C nr. 609 groot 11 ca. In de akte wordt verder beschreven dat nr 608 en 609 in 1867 door veiling in zijn bezit zijn gekomen evenals sectie C nr. 307. Het pand was al een maand eerder ook onderpand voor een transactie, dan leent Van Rosendael 8.000 gulden van J.W. Maurits. Hetzelfde huis dient in 1888 als onderpand voor weer een lening van 8.000 gulden nu geleend van Anna Maria van Wijk, weduwe en rentenierster (archief notaris Hekking).

Hoe zat het destijds met die indeling in percelen?


Op dit fragment van het minuutplan Nijmegen, Gelderland, sectie C, blad 01 (MIN05123C01)uit 1822 is de indeling in percelen terug te vinden. De percelen 608 en 609 liggen bijna tegenover Het Stockumstraatje dus ten zuiden van De Lange Burgstraat. In de oorspronkelijke aanwijzende tafel sectie c blad 037 vind ik de eigenaar van die percelen: Jacobus Carel Kruger, beroep apotheker en drogist die al in 1812 eigenaar was. Nummer 608 is een huis met erf groot 289 vierkante el en nummer 609 een schuur groot 11 vierkante el. 1 vierkante el is 1m2. Blad 019 vermeldt (doorgestreept) dat op perceel 307 Hendrik Reugers woonde met als beroep winkelier, de grootte was 92 vierkante el.
In 1832 woonde op perceel 608 nog steeds Jacobus Carel Kruger, perceel 609 is in 1832 bij 608 getrokken. (Historische Atlas). Op perceel 307 woonde toen toch Hendrik Reugers, winkelier. Kennelijk waren het beide winkelpanden. De groottes van de percelen 307, 608 en 609 in 1822 en 1832 komen overeen met de in de verkoopcontracten aangegeven groottes, het gaat dus steeds om dezelfde percelen. De Lange Burchtstraat 22 beslaat de percelen 608 en 609.

Toen Van Rosendael in 1884 door een ongeluk werd getroffen, welk heb ik niet kunnen achterhalen, had het gezin al veel verdriet doorstaan. Van de 13 kinderen die het echtpaar kreeg, overleden er in de periode tot 1884 zeven waarvan twee al bij de geboorte.


PGNC 27-04-1884

Waarschijnlijk leidde dat ongeluk ertoe dat B. (H.F.) van Rosendael zijn zaak overdraagt aan zijn broer C. A. J. van Rosendael ook wel aangeduid als senior om hem te onderscheiden van de zoon van B.H.F. C. A. J. werd op 30-06-1836 geboren in Utrecht en in 1880 werd hij in Nijmegen ingeschreven in het bevolkingsregister.
Finale Uitverkoop, zo kondigde Van Rosendael op 22-03-1885 in de PGNC de overname van zijn Luxe Magazijn aan. Hij vermeldt dan alleen dat hij een opvolger heeft maar nog niet wie dat is.


Op 17-05-85 blijkt die opvolger broer Carel te zijn:


Vanaf mei 1885 wordt de naam van de firma "Bazar, Groot Magazijn van Huishoudelijke en Luxe-Artikelen Carel A. J. van Rosendael Firma B. van Rosendael." Merkwaardig genoeg blijkt vanaf een advertentie op 25-11-1888 de firmanaam weer B. van Rosendael te zijn. Vermoedelijk wekte de naam B. van Rosendael meer vertrouwen bij de klanten.
Op 31-10-1889 verkocht Van Rosendael het huis aan de Lange Burchtstraat sectie C nr. 608 en het erf met schuur sectie C nr. 609 voor 20.000 gulden aan zijn broer. (archief notaris Hekking)

Tot 1893 lezen we in de PGNC advertenties waarin Het Magazijn steeds de naam B. van Rosendael draagt; op 26-01-1893 krijgt de klant weer gelegenheid tot de aanschaf van diverse voordeeltjes.


"Wie nu weer", dacht de vaste klant misschien, tot deze op 26-05-1893 wordt bevrijd uit zijn/haar onzekerheid.


Ook nu bestaat de firmanaam uit de combinatie naam van de opvolger en die van Van Rosendael.

Niet alleen neemt H.A.M. Siewe de zaak over maar hij koopt op zijn beurt ook de percelen sectie C nr. 608 en 609 van C.A.J. van Rosendael, nu zonder beroep en wonend in Den Haag, voor 27.000 gulden. Siewe betaalt 1.000 aan, voor de resterende 26.000 sluit hij een hypotheek af bij de Maas en Waalsche Bank Kneppers en Cie met de twee percelen als onderpand.

Het verslag in de PGNC van de 49ste Algemene vergadering van de Geldersch-Overijsselsche Maatschappij voor Landbouw die duurde van 16-20 augustus 1893, suggereert dat er sprake is van 2 firma's: "Verder trekken op het terrein zeer de aandacht [..], een keurige kiosk van de heer Siewe, firma B. van Rosendael, een sigarenkiosk [..]." Het kan ook dat de verslaggever van slag was:


Omdat Van Rosendael's rol als middenstander is uitgespeeld, richt ik mijn aandacht op hoe het Siewe met zijn winkel en zijn aangeschafte vastgoed vergaat. Behalve aan het Groot Magazijn besteedt hij zijn tijd aan sportieve prestaties, hij wordt op 27-08-1895 eerste in een wielerwedstrijd van de Nijmeegsche Wielerclub, een wedstrijd over 50 km van St. Anna- Mook- Plasmolen en terug, de route moest twee keer afgelegd worden.
Op Koninginnedag 01-09-1897 doet hij mee aan Gymkhana races (komische wedstrijden op volksfeesten) en wint de Lange Pijpen-Wedstrijd. De eerste prijs: een vogelkooi met standaard. Tevens wordt hij eerste in het Langzaam rijden, beloning: een zilveren horloge-ketting met kompas. Ook pakt hij de derde prijs in de Hooge- Hoeden en Parapluie- Wedstrijd.
Op sportief gebied lijkt Siewe het aardig te doen maar de Bazar 'H.Siewe Firma Van Rosendael' lijdt in 1899 schipbreuk. Op 31-05-1899 is er sprake van "Laatste dagen van den Uitverkoop" en op 08-06-1899 kondigt hij de definitieve sluiting van het Magazijn aan. In de PGNC van 14-06-1899 vraagt hij:


Siewe maakt een geweldige klapper als hij op 01-07-1899 bij notaris Courbois een verkoopcontract tekent voor beide percelen 608 en 609. Hij verkoopt ze aan H. en J. Gubbels, hotelhouders in Nijmegen, voor 48.000 gulden.
Wat gaat er met het pand gebeuren? Op 08-04-1900 vraagt H. Gubbels een vergunning aan voor de verkoop van sterke drank in de benedenlokalen van Burchtstraat 22 en in De Gelderlander van 17-05-1900 treffen we een juichend verslag aan over het nieuwe Hotel Metropole, adres Lange Burchtstraat 22 met als eigenaars vader en zoon H. en J. Gubbels.

Het hotel werd tijdens het bombardement op Nijmegen volledig verwoest en is op die plaats niet herbouwd. Het stond ongeveer op de plaats waar nu Scapino in de Burchtstraat zit.


Het hotel in 1910 RAN


Het hotel na het bombardement in 1944 RAN


--o-o-o--

2: Vastgoedmagnaat B.H.F. van Rosendael, de Ton Hendriks van zijn tijd

Hoewel Van Rosendael met hart en ziel ondernemer moet zijn geweest, haalde hij uit zijn vastgoedaktiviteiten vermoedelijk nog meer spanning, plezier en geld. In zijn ondernemerstijd heeft hij ongetwijfeld tijd geïnvesteerd in de opbouw van een uitgebreid netwerk dat nodig is om op de hoogte te komen van de winstmogelijkheden van aan te schaffen of te verkopen projecten en welke geldschieters hij kon benaderen. Zeker kende hij de bestuurselite uit zijn tijd onder wie bijv. Quack, Graadt van Roggen, Van Nispen. Dat zoon Carel ** van 1899 tot 1906 raadslid was hielp zeker mee. Zelf maakte hij enige tijd deel uit van het bestuur van de Nijmeegse Kamer van Koophandel.

Vanaf 1858 doemt zijn naam op in diverse notarisarchieven (totaal 89 keer). De transacties bestaan vooral uit kopen en verkopen van grond en/of huizen, het afsluiten van leningen en hypotheken en het verkrijgen van bouwvergunningen. Wat daarbij opvalt, is hoe vaak hij leent van dames. Behalve van de eerder genoemde Anna Maria van Wijk leent hij in 1887 12.000 gulden van mej. Johanna Theodora Offenberg met als onderpand Hotel Belle Vue aan de Spoorstraat dat hij kennelijk al eerder had gekocht.


Hotel Bellevue op de hoek met de Nieuwe Marktstraat, 1890 (Fotocollectie RAN F2791)

In 1890 komt er fl 8.000 van mevr. Emilie Boudewijns, onderpand is Burchtstraat sectie C nr. 3096, in 1894 fl 8.000 van mej. Anna Josephina Fernanda Brücher met als onderpand een huis aan de Berg en Dalschenweg en in hetzelfde jaar van mej. Maria Hubertina Petronella van Swelm fl 5.000 met als onderpand 2 huizen in de van Rosendaelstraat en opnieuw van mevr. Boudewijns fl 5.000 met weer als onderpand 2 huizen in de van Rosendaelstraat en dan in 1901 fl 12.000 van mej. Anna Henrietta te Gronde. De dames zijn vaak ongehuwd of weduwe, soms rentenierend.
Ze verdienden goed aan hun leningen, echte zakenvrouwen. Emilie Boudewijns bijv. was zeer actief op de markt van obligatiehypotheken; ze was de weduwe van ene Frederik Hoffman en dreef in Soerabaja een "affaire in Modes en Manufacturen", ook de dames Van Wijk en Brücher zijn met leningen aan verschillende ondernemers vaak terug te vinden in de notarisarchieven.

Ik licht een paar interessante transacties uit Van Rosendael's activiteiten.

1 Op 26-07-1887 verkoopt B.H.F. aan Dirk Hoos, bouwkundige te 's Gravenhage, percelen bouwgrond aan de Berg en Dalscheweg nl. Hatert sectie A 787, 788, 789, 790, 793, 794, 795, 796 en 792, dit laatste perceel moet over de gehele uitgestrektheid als weg worden gebruikt en moet ook een 'gemeene' weg blijven. Hoos betaalt 1.190 gulden.
Op dezelfde datum verleent Hoos in een aparte akte B.H.F. het recht van hypotheek op genoemde percelen tot hoogstens 6.000 gulden.

Hoos is vermoedelijk meteen aan het bouwen geslagen want op 17-01-1888 verkopen Willem Elshof, opperwachtmeester, en Dirk Hoos aan B.H.F. twee bouwterreinen Berg en Dalscheweg nr. 787 en 788 met erop gestichte gebouwen, twee bouwterreinen Berg en Dalscheweg met erop gestichte gebouwen nr. 793 en 794 en perceel 792 met recht van weg over de gehele uitgestrektheid.

Vervolgens leent B.H.F. op 18-01-1888 11.000 gulden van het Gesticht Cellenbroederenhuis met als onderpand 4 huizen met tuin aan de Berg en Dalscheweg Hatert sectie A nr. 787, 788, 793, 794. Verder een bouwterrein nr. 798 en tenslotte 792 met recht van weg.
Perceel 792 moet wel de toekomstige van Rosendaelstraat zijn want op 21-07-1894 verkoopt hij aan J. Arntz, metselaar, een perceel bouwterrein aan de van Rosendaelstraat "met recht van waterlozing op de van Rosendaelstraat kadastraal bekend als Hatert sectie A no. 792" (archief notaris Klaassen)

2 Van Rosendael koopt vaak op veilingen, een mooi voorbeeld is de koop van de Villa Vineta, het latere Oranjehotel, aan het Stationsplein.


Oranje hotel in 1901. Het werd in 1944 totaal verwoest. (fotocollectie RAN F33150)

Op 08-02-1889 beschrijft notaris Klaassen de gang van zaken op een veiling om 20.30 uur in de bovenzaal van Café Suisse. De villa wordt verkocht door mej. W.C. de Neve, weduwe.
Louis Drukker, koopman te Nijmegen, zet in op 25.900 gulden. Zijn tweede inzet op 17-02 is 27.700 gulden. Op 23-02 blijkt dat Drukker niet voor zichzelf de villa voor dat bedrag koopt maar middels een akte van command (de aankoop van een ontroerend goed door een tussenpersoon voor rekening van een derde), voor B.H.F. van Rosendael, zonder beroep, en C.A.J. van Rosendael, koopman. Dat is niet zoon Carel maar broer Carel.
Het is me niet duidelijk geworden in hoeverre Van Rosendael Hotel Bellevue en het Oranje hotel exploiteerde/ verhuurde of beide louter als investering zag om later met winst te kunnen verkopen.

Droomde Van Rosendael misschien ook over een Faberplein in de overtuiging dat de horeca rook naar geld verdienen? Op 01-01-1884 wordt de Naamloze Vennootschap 'Café Suisse' opgericht met als doel de exploitatie en uitbreiding van het café-restaurant in destijds de Lange Burchtstraat.


Café Suisse in 1898. Uitsnede van RAN D95

Het maatschappelijk kapitaal is 15.000 gulden: 60 aandelen van 250 gulden verdeeld over 15 aandeelhouders. B.H.F. neemt 12 aandelen. Mej. Roelofs brengt het pand en het inventaris van café en restaurant in. Het kapitaal kan worden vergroot door uitgifte van aandelen en afsluiten van leningen.
Dat hij goed boerde met zijn investeringen haalde ook de landelijke pers. In het Rotterdamsch Nieuwsblad van 31-08-1886 staat op de voorpagina bij de rubriek Gemengd Nieuws:

Van Rosendael's vastgoednalatenschap
Voor zijn dood moet Van Rosendael nog meemaken dat zijn vrouw en zoon Carel overlijden. Adriana Van Rosendael - Bakkers sterft op 29-10-1901. Haar overlijdensbericht dat Van Rosendael in het Rotterdamsch Nieuwsblad plaatste, doet een geslagen mens vermoeden.

De waarde van zijn bezittingen wordt duidelijk als notaris Hekking in De Gelderlander van 01-01-1908 bekend maakt wat er ten bate van de erven op een veiling is verkocht o.a. twee winkelhuizen aan de Burchtstraat nrs. 31 en 33, het laatste is verhuurd aan Alb. Heijn en verder 3 herenhuizen in de Pater Brugmanstraat nummers 3, 5 en 7 en in de van Rosendaelstraat de woningen 1, 3, 5, 7, 10, 12, 14, 16, 18, 20 verhuurd aan kruidenier Welling, 22, 24, 34, 36, 38, 40, 42, 44, 46 en 48. Een belangrijk deel van de straat was dus in het bezit van de familie Van Rosendael.
De totale opbrengst bedraagt 89.075 gulden, volgens de CBS-calculator is dat nu 2.416.461 euro.
Opmerkelijk is dat zijn dochter Anna de winkels in de Burchtstraat en in de van Rosendaelstraat de nrs. 1, 3, 5, 7, 18, 20, 22 en 24 koopt. Zij erft overigens de villa aan de Berg en Dalseweg 47.


Fotocollectie RAN F9243

Zowel zoon Carel Adrianus Josephus als het echtpaar Van Rosendael – Bakkers zijn begraven op het kerkhof aan de Daalseweg. Gezien het monumentale graf dat B.H.F. voor zijn zoon liet plaatsen, moet diens overlijden zijn vader hard hebben geraakt.
Het graf van de ouders is veel bescheidener van omvang.


Graf Van Rosendael-Bakkers
Vak-rij-nr. daa-30-04-09
 


Familiegraf C.A.J. van Rosendael
Vak-rij-nr. daa-19-01-02
Het graf is een rijksmonument.



* op 27 juli 1955 besloten B&W van Nijmegen de naam van Rosendaelstraat te veranderen in Hugo de Grootstraat aangezien "de betekenis van de figuur van Van Rosendael verre in de schaduw staat bij die van Hugo de Groot."

** zie over zoon Carel het boeiende artikel van Laurens A. ten Horn in het Numaga jaarboek 2015 blz. 75 : "Ut waogetjesfebriek aan de Weurtschenweg". De kinderwagenfabriek van Carel van Rosendael 1891-1907.

Elders op Noviomagus.nl vindt u het Van Rosendael familie-album.

--o-o-o--

3: Het derde deel zal gaan over de bebouwing van de straat en de geschiedenis van de middenstand.

--o-o-o--

Geraadpleegde bronnen:
Regionaal Archief Nijmegen
Rob Essers: Stratenlijst gemeente Nijmegen
Henk Rullmann: Hoe Nijmegen-Oost ontstond

Veel dank aan Henk Rullmann en Rob Essers voor hun bereidwilligheid om mijn vragen te beantwoorden.

terug naar Gastredactie-overzicht

Heeft u ook herinneringen aan de van Rosendaelstraat? Deel ze met ons!

Over het huizenblok Berg en Dalseweg 39-43 staan op ons Prikbord enkele wetenswaardigheden.
Reactie 0:

Rob Weenink, 31-10-2021: van Rosendaelstraat deel 2

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: